s c h r i j f s e l s

Troosten... dat doe jij toch 'om niet'?

'Dat heb je zelf vertelt! Dat je als Troostdichter 'om niet' of Pro Deo jouw troostend werk verricht.'

Zei hij vanochtend tegen mij. Jazeker, dat is ook zo, antwoordde ik hem.

'Nou, waarom vraag je dan om donaties en subsidies?'

Nou, kijk hierom: Wat dacht je van huur voor het Troosthuisje en de elektriciteit/stookkosten? Wat dacht je van de gedichtenkaarten? Die moeten worden gedrukt. Ik ben de hele dag aanwezig en zal iets moeten eten en drinken af en toe en komen reiskosten bij. Niet veel maar toch. Als je dat alleen al bij elkaar optelt...

'Aaah! Nooit aan gedacht. Waar kan ik doneren, want ik vind het doel heel gaaf?'

Wil je doneren? Graag! Hoe klein of hoe groot ook:

Ten name van Stichting Troosthuisje
NL 52 RABO 0317 5840 06

Indrukken van een troostdichter

Bij aankomst in Spant! in Bussum ben ik best gespannen. Stiekum ben ik een control freak.

Maar wat een welkom in de stromende regen. Twee mannen met grote paraplu's helpen me uitladen, een derde neemt materialen mee naar het vuurrode troosthuisje dat vlakbij in de centrale ruimte al helemaal staat te pronken. Compleet met groot bord 'Troosthuisje' een mooi tafeltje met vaasje bloemen, zes (jawel!) batterijkaarsen twee gerieflijke stoelen... Het ontroerde mij echt! Wat een zorgvuldigheid! Ik pakte mijn spullen uit, plaatste mijn houten evenbeeld, ordende de kaarten en terwijl ik bezig was kwam een stralende vrouw informeren of het naar wens was en vertelde ook hoe blij Verus was met mijn komst. Weer later kwam een van de dames van de organisatie nogmaals kijken en vertellen hoe de troostdichter in het programma 'Kwetsbaarheid' paste.

Voor aanvang kregen de bezoekers koffie met iets erbij en ook dit was tot in de puntjes verzorgd. Er werd zelfs in het troosthuisje koffie geserveerd en later, toen het wat rustiger was kwamen de dames die serveerden nieuwsgierig kijken en een praatje maken. Echt fantastisch. Tijdens de inloop was er wel belangstelling om te kijken en de gedichten te lezen, maar in de grote pauze kwam men echt vol belangstelling kijken en praten en informeren. Ik begreep dat tijdens de plenaire lezing iemand heel warm over de troostdichter had verteld en ja... men durfde te komen.

Een jonge man kwam als eerste en zei dat hij kippenvel kreeg bij wat ik vertelde. Hij bleek een kunstenaar met plannen voor een 'Poort van Hoop'. Er liepen dus parallelle gedachten.

Een onderwijzer uit Zwolle kwam zeer geïnteresseerd informeren naar hoe en wat ik nou eigenlijk precies deed in en met troost dichten in dat troosthuisje. Ik vertelde hem van mijn eerste troosthuisje in Zwolle en dat daar regelmatig jongeren (tussen 18-20 jaar) langs en binnen kwamen met hun verdriet. Dat boeide hem zeer.

Een predikante uit Zwolle vertelde mij haar verhaal en ook dat zij getroffen was door twee gedichten. Een heeft zij mee genomen en een gefotografeerd. Ontroerend moment!

Een heel lieve juf die openlijk heel kwetsbaar durfde zijn, hoewel bang voor tranen... ze kwamen toch. Zo mooi dat temidden van vele honderden mannen en vrouwen met hun 'lawaai' in de ruimte, je dan toch met z'n tweeën even heel stil kunt zijn. Bij binnenkomst vroeg ze aan mij: “Wat doet u met mij als Troostdichter?” Prachtig zo'n vraag! Ik wist het niet... Maar er gebeurde dus wel iets.

Ze wilde nog veel meer kwijt, maar wilde ook programma verder volgen... ze komt vast een keer terug in 'mijn eigen' troosthuisje in Deventer.

Twee nog jonge jonge vrouwen met een sterk Vlaams accent kwamen wat timide binnen maar vertelden wel over hun verdriet. Verlies van lieve vriend... Heel mooi moment. (Ondertussen werden filmopnamen gemaakt, maar zo subtiel dat dit niet stoorde. Zij zagen het wel, maar hadden geen bezwaar. Namen ook gedichten mee tot troost.

En onderwijl we in gesprek waren werden er regelmatig gedichtenkaarten gelezen en mee genomen.

Zeer onder de indruk ging ik naar huis. Heel dankbaar dat ik vandaag 'zomaar' bij dat congres van Verus mocht zijn. Bij mijn vertrek ontving ik een mooi tasje met prachtige informatie waaruit ook diezelfde zorgvuldigheid blijkt. Chapeau!

Wat ik stilletjes hoop is dat ik op een organische manier wat meer met scholen in verbinding kom. Zowel in Zwolle als in Deventer en ook in Nijmegen kwamen jongeren het Troosthuisje binnen met hun problemen en verdriet. Soms heel indringend en diep ontroerend. Van een neiging tot zelfmoord tot het durven uiten van een groot geheim (ik heb anorexia, maar niemand weet het) tot een jongeman die uitroept; ik word thuis gediscrimineerd! Tijdens zijn gesprek blijkt dat in het gezin een ieder als zijnde 'gelijk' wordt behandeld en er geen ruimte is voor diversiteit. Toen ik de jongen vroeg, zou het mogelijk zijn om 'gelijk' om te zetten naar 'gelijkwaardigheid', begon hij te glimmen en liet als dank een cheesecake die hij eigenlijk voor zijn vriend had gebakken...

Troostdichter mogen zijn is zo gaaf! Met diversen heb ik nog steeds contact! Een grietje, ouders gescheiden, uit...Dublin komt deze zomer voor de derde keer naar haar Troostdichter! Anderhalf uur alleen maar spuien spuien... ontroerend toch! Nogmaals dank Verus voor deze kans.

Onverwacht bezoek

Ernstig kwam ze binnen, hier in het Troosthuisje tegen de oude Mariakerk. Ze ging zitten en wilde wel koffie. Ze keek het huisje rond met een blik van 'het klopt' in haar ogen. Ik zocht in mijn geheugen naar iets van herkenning. 'Nee' sprak ze, 'U kent mij niet, we hebben elkaar nog nooit ontmoet, maar ik volg u al een paar jaar, onder een andere naam dan mijn ware, op Facebook.'

Verbaasd keek ik haar aan. 'Tja, al sinds 2014 volg ik u (en nog een handjevol andere mensen) omdat sommige mensen mij opvallen qua stijl, manier van denken, en meer van die dingen...' Ze nam een slokje koffie en vervolgde; 'Bij u trof me het speelse, het vlinderige, (van hulp-schaapherder naar provinciedichter en nu naar dit, maar ook het bloedserieuze van uw berichtgeving. Het trof me en inspireerde mij en ook raakt het mij dat u uw kwetsbaarheid durft tonen. Weet u dat dit voor veel mensen iets is dat stevig afgeschermd is en waar je nauwelijks doorheen komt?'

Ik glimlachte, maar bleef geboeid naar haar luisteren en kijken.

'De reden waarom ik nu toch even naar u toekom is dat u dat speelse, dat onbevangene dat mij juist zo boeit en aantrekt wat dreigt kwijt te raken. O ja, het is er regelmatig nog wel hoor, maar er komt een onderlaag in de stukjes die u schrijft (trouwens u schrijft op het moment ook nauwelijks gedichten hè?!) waarover ik mij wat zorgen maak. Neemt u mij alstublieft niet kwalijk dat ik zo met de deur in huis val, het is wellicht wat ongepast, maar ik wil u als troostdichter niet kwijtraken, en ik hoop dat u mij wilt verstaan...'

Geboeid, verrast, en ook geraakt door haar woorden want ze troffen doel, keek ik haar aan. Ik stamelde wat van, 'ja dat klopt wel maar, maar...'

'Nou ja, sprak zij, weet u wat het is, als je dit werk doet wat ú doet moet je niet vergeten regelmatig voedsel tot je te nemen dat rijk aan vitaminen is... ik bedoel geestelijk voedsel hè, maar dat snapt u wel. En ik merk gewoon aan uw berichtgeving dat daarin een klein tekort dreigt te ontstaan door de overvloed aan alle -overigens goed bedoelde- min of meer commercieel gerichte raadgevingen. Ik hoop dat ik het zo zo zuiver mogelijk verwoord wat ik bedoel te zeggen en dat u mij wilt verstaan.'

'En óf ik u versta' reageerde ik aangenaam verrast en keek ik helderde lichtgrijze ogen. 'Ik ben blij met uw komst, ook al komt u zomaar uit de blauwe lucht gevallen... Soms heb je dat (weer) eens nodig. Hóe begon ik ook al weer, wát was mijn doelstelling, wíe wilde ik bereiken... Dank u wel dat u hier even binnen wilde komen!'

'Graag gedaan lieve troostdichter. En blijf vooral geloven in uw eigen innerlijke kracht en integriteit. Hoe noemt u dat zelf ook al weer... O ja, u zegt graag 'Ik ben van klein. Had groots meeslepend willen zijn'... klopt hè? U weet nauwelijks - echt waar! - wat de impact van uw kleine daden is.' Ze stond op, gaf me een hand. 'Fijn dat ik even bij u binnen mocht komen. Blijf aan het werk, de wereld kan wel wat tegengif gebruiken! Dàààg...' en weg was ze.

Wil je mij helpen zoeken?

Dinsdag, in de stille week voor Pasen mocht ik troostdichteren in Lochem in het BIC. Ik plaatste mijn houten evenbeeld, hing de banner op en plaatste een krijtbord met daarop met een paar woorden over verdriet, pijn, leed en kom maar binnen...

Een kleine wat gezette man met een markante kop, dik wit haar en dito baard die ik al eerder had zien rondlopen kwam bij me in het geïmproviseerde troosthuisje.
'Nou', zei hij, 'dan heb je aan mij een goeie'. En hij begon te praten. Het werd een gesprek van anderhalf uur, waarbij mij zijn leven voorbij kwam flitsen vanaf z'n achtste levensjaar tot aan nu, zijn 67e. Mooie gebeurtenissen maar ook veel ernstige en ingrijpende ervaringen. Teveel om hier allemaal te benoemen. Zoveel, dat hij daar zelf van zei 'ik overlaad je hé...'

Een paar 'highlights' blijven mij toch bezighouden. Ik probeer al dagen deze te vangen in een gedicht, maar ze vluchten steeds weer van mij weg... opschrijven dan maar.

Op zijn achtste raakt hij in de ban van Het Geloof, wordt hij sterk geraakt door (vooral) het leven en werken van Jezus.
En hij besluit hiernaar zelf ook te gaan leven. 'Bevangen door Zijn Liefde'...
Hij heeft rond zijn twaalfde een diepe ervaring en gaat zich Emanuel noemen. Hij gaat leven volgens zijn eigen, voor anderen onnavolgbare godsbegrippen. (in gedachten noemde ik hem een Paradijsvogel).
En dan komen de teleurstellingen. Veel en vaak waarover ik niet zal uitweiden.

Terwijl hij mij vertelt over zijn indrukwekkende zielswereld merkt hij op: 'Jij bent de eerste die écht naar mij luistert, die mij hóórt, die mij ziet'! Zelf ontdek ik dat ik inderdaad zowat over tafel gebogen zit om intens zijn binnenwereld te willen 'verstaan'.

Ineens tegen het einde van zijn verhaal komen er tranen. Eindelijk. Een geluidloos huilen en hij zegt; 'Weet je wat het ergste is, dat ik God ben kwijtgeraakt en ik dreig om te komen in verbittering.'
'Je zult God weer moeten opzoeken lieve Emanuel!' Knal ik eruit. 'Da's voor jou de enige manier om weer gelukkig te worden.'

En dan die vraag: 'Wil jij mij helpen God weer te vinden?'
'Ja! Dat gaan we doen', roep ik hem toe. We omarmen elkaar en houdt me vast alsof hij me niet meer los wil laten. We geven elkaar een hand en hij verlaat met een glimlach het gebouwtje...

De gastvrouwen in de hal kijken me aan en vragen; 'Wat heb jij met hem gedaan?' Hij komt hier trouw elke dinsdag, drinkt koffie en eet koekjes, maar we hebben hem nog nooit zó weg zien lopen. Hij lijkt wel 10 kilo lichter! En hij lachte!'

Gewoon wat troost ...

Een halfje bruin

Vanochtend voor een charmant interview in Harderwijk geweest www.abdehaas.nl/el-mundo-1/ en op de terugweg bedacht ik dat we nog een brood moesten hebben voor vanmiddag. Ik dacht te weten dat er in een dorpje nabij Deventer nog een klein bakkerijtje zat. Dat klopte! Er zit daar nog een klein, heel klein bakkertje. Naar binnen kijkend zag ik dat de gebakvitrine leeg stond en op een rekje aan de muur lagen twee halve- drie hele bruine- en vier hele witte broden.
Het was doodstil in het winkeltje... Na een paar minuten kwam een heel klein, lijkbleek oud vrouwtje de winkel in. "en...?" Mag ik dat halve bruine brood van u? Ze moest zich helemaal uitstrekken om het brood te pakken en zei ondertussen: "Dit is het op een na grofste tarwe dat we hebben, het grofste is met pompoenpitten." Ze legde het op de marmeren toonbank. Kan ik pinnen? vroeg ik. "Nee...!"
Dan heb ik een probleem. "O ja?" En ze vouwde haar armen op de toonbank, legde haar hoofd daarop en keek me belangstellend aan. Ja, ik heb helaas geen kleingeld meer.
"O," zei ze. Pakte het halfje brood van de toonbank, rekte zich weer helemaal uit en legde het weer op de bovenste plank... Toch wat verbijsterd vergat ik te groeten bij het verlaten van het bakkerijtje.

Er is een nieuw You Tube filmpje

De Stichting Stadsbeweging heeft een mooi filmpje gemaakt, kijk gauw naar: https://youtu.be/a-XPxnSxYQg